De macht van Satan: Wees op je hoede voor de slang.
- 31 dec 2025
- 19 minuten om te lezen
In een wereld die steeds verder afdrijft van Gods waarheid, is het essentieel om de werkelijkheid van geestelijke strijd te begrijpen. Velen in onze Nederlandse samenleving hebben een oppervlakkige kijk op het kwaad ontwikkeld, of ze ontkennen het bestaan ervan volledig. Toch waarschuwt de Bijbel ons keer op keer: wees waakzaam, want jullie tegenstander, de duivel, gaat rond als een brullende leeuw, op zoek naar iemand die hij kan verslinden (1 Petrus 5:8).
Lessen uit de natuur: De slang die zijn huid afwerpt
De natuur leert ons waardevolle lessen over geestelijke vernieuwing. Een slang werpt elk jaar zijn oude huid af, maar let op: hij doet dit niet door zich tegen zachte dingen te schuren. Nee, hij zoekt iets hards, iets scherps, een steen, boomschors, omdat zijn oude huid taai is en aan hem vastgekleeft. Van kop tot staart beweegt hij, wrijvend, schuivend, tot de oude huid volledig is afgeworpen.
Zo is het ook met onze zonde. Zonde is als dode huid die aan ons kleeft. En net als die slang hebben wij iets hards, iets scherps nodig om ons van die oude natuur te ontdoen. Jezus Christus zelf zegt: "De steen die de bouwers hebben afgekeurd, is de belangrijkste steen geworden" (Mattheüs 21:42). En Hij waarschuwt verder: "Wie op die steen valt, zal te pletter slaan, maar op wie hij valt, zal hij verpletteren" (Mattheüs 21:44).
Het is een stevig, krachtig evangelie dat nodig is om de kracht van de zonde te breken. Geen verwaterde zoetsappige boodschap, geen prettige verhalen die onze oren strelen, maar Gods waarheid in al haar scherpte.
Velen denken dat genade betekent dat we zachtjes met zonde om moeten gaan, maar Gods genade is juist krachtig genoeg om ons te confronteren met de waarheid. Zoals een chirurg niet zachtjes kan zijn als hij een kwaadaardig gezwel moet verwijderen, zo moet Gods Woord soms pijn doen om ons te genezen. "Want het woord van God is levend en krachtig, scherper dan een tweesnijdend zwaard" (Hebreeƫn 4:12).
De macht van Satan: Geen sprookje maar realiteit
Het excuus: "Satan is niet echt, dat is ouderwets bijgeloof"
Sommigen beweren dat Satan niet meer dan een symbool is, een metafoor voor het kwaad in de mens. Dit is precies wat de duivel wil dat we denken. Als hij ons kan laten geloven dat hij niet bestaat, kan hij ongehinderd zijn werk doen.
Maar de Bijbel spreekt heel duidelijk over Satan als een reƫle, persoonlijke vijand:
"Toen kwam de satan uit de tegenwoordigheid van de HEERE en sloeg Job met kwaadaardige zweren" (Job 2:7)
"En de satan stond op tegen Israƫl en zette David ertoe aan Israƫl te tellen" (1 Kronieken 21:1)
Jezus Christus zelf werd door Satan verzocht: "Toen werd Jezus door de Geest naar de woestijn geleid om door de duivel verzocht te worden" (Mattheüs 4:1)
In onze moderne Nederlandse cultuur wordt spiritualiteit vaak gereduceerd tot positieve energie en universele liefde. Maar de Bijbel laat zien dat de geestelijke wereld twee kanten kent: licht en duisternis. Je kunt het licht niet waarderen zonder te erkennen dat de duisternis echt is. Paulus schrijft: "Want wij hebben niet te worstelen tegen vlees en bloed, maar tegen de overheden, tegen de machten, tegen de wereldbeheersers van deze duisternis, tegen de boze geestelijke machten in de hemelse gewesten" (Efeziƫrs 6:12).
Satans doel: Iedereen meeslepen
Satan kan niet gered worden. Zijn lot is bezegeld. Maar omdat hij verdoemd is, wil hij niet alleen zijn. Zijn doel is simpel en sinister: zoveel mogelijk zielen met zich mee de verderf in trekken. Hij werkt dag en nacht om mensen van God weg te leiden, te misleiden en uiteindelijk te vernietigen.
De Bijbel beschrijft zijn strategie helder: "Hoed u, wees waakzaam! Want uw tegenstander, de duivel, gaat als een brullende leeuw rond en zoekt wie hij kan verslinden" (1 Petrus 5:8).
Het excuus: "Als God liefde is, waarom zou Hij de hel maken?"
Dit is een veelgehoorde bezwaar in onze tijd. Mensen zeggen: "Een liefdevolle God zou nooit mensen straffen met eeuwige kwelling." Maar deze redenering mist een belangrijk punt: de hel werd niet willekeurig door God gemaakt. De hel kwam tot stand als reactie op menselijke keuzes en rebellie.
Laten we naar Deuteronomium 32 kijken:
"Toen de HEERE dat zag, verwierp Hij hen, omdat Zijn zonen en Zijn dochters Hem vertoornd hadden" (vers 19)
"Hij zei: Ik zal Mijn aangezicht voor hen verbergen, Ik zal zien wat hun einde zal zijn" (vers 20)
"Zij hebben Mij tot jaloersheid verwekt met wat geen god is... Ik zal hen tot jaloersheid verwekken met wat geen volk is" (vers 21)
"Want er is een vuur ontstoken in Mijn toorn, het brandt tot in het diepste van het rijk van de dood" (vers 22)
De hel is Gods toorn, Zijn gerechtvaardigde reactie op voortdurende rebellie. Net zoals een overheid gevangenissen moet hebben om de rechtsorde te handhaven, zo heeft Gods rechtvaardigheid consequenties voor degenen die Hem blijven afwijzen.
We moeten begrijpen dat Gods liefde en Gods gerechtigheid geen tegenstellingen zijn, maar beide aspecten van Zijn heilige karakter. Een rechter die uit liefde criminelen vrijspreekt, is geen liefdevolle rechter maar een corrupte rechter. Zo zou God geen liefdevolle God zijn als Hij kwaad ongestraft liet. Johannes schrijft: "En dit is het oordeel, dat het licht in de wereld gekomen is, en de mensen hebben de duisternis liever gehad dan het licht, want hun werken waren slecht" (Johannes 3:19). De mens kiest zelf voor duisternis boven licht.
Gods geduld en komende toorn
De vergelijking met een vrouw in barensnood
God vergelijkt Zijn situatie met een vrouw in barensnood. De pijn wordt groter, de druk neemt toe, maar er komt een moment van bevalling. Jesaja schrijft: "Ik heb lang gezwegen, Ik was stil, Ik hield Mij in. Nu zal Ik kreunen als een barende vrouw, Ik zal hijgen en naar adem snakken tegelijk" (Jesaja 42:14).
Wat we nu in de wereld ervaren, is Gods geduld. Maar geduld betekent niet dat de straf uitblijft. Er komt een moment van bevalling, een moment waarop Gods toorn zich openbaart.
In Nederland zien we een steeds groter wordende tolerantie voor wat de Bijbel zonde noemt. Echtscheiding, ontucht, materialisme, afgodendienst, het wordt allemaal geaccepteerd en zelfs gevierd. Maar Gods stilte mag niet verward worden met Zijn goedkeuring. Petrus waarschuwt: "De Heere is niet traag met de belofte, zoals sommigen dat traag noemen, maar Hij is lankmoedig jegens ons, want Hij wil niet dat sommigen verloren gaan, maar dat allen tot bekering komen" (2 Petrus 3:9). Toch komt het oordeel: "Maar de dag van de Heere zal komen als een dief in de nacht" (2 Petrus 3:10).
Het excuus: "Ik bid dat de wereld beter wordt"
Sommige mensen zeggen: "Ik bid elke dag dat de wereld beter wordt, dat er vrede komt." Maar de Bijbel leert ons iets anders. Paulus schrijft: "Dit moet u weten, dat er in de laatste dagen zware tijden zullen komen... slechte mensen en bedriegers zullen steeds verder gaan in het kwade, terwijl zij dwalen en anderen op een dwaalspoor brengen" (2 Timoteüs 3:1, 13).
De wereld wordt niet beter, dat is niet Gods plan. De wereld vervult profetieen die spreken over toenemend kwaad voordat Christus terugkomt. Bidden dat de wereld beter wordt, is bidden tegen Gods geopenbaarde wil. In plaats daarvan moeten we bidden om kracht om standvastig te blijven, om zielen die nog gered kunnen worden, en om de spoedige terugkeer van Christus.
Het gevaar van oppervlakkigheid
Water en zeep zijn niet genoeg
Stel je voor: iemand neemt een douche, pakt een stukje zeep, wrijft het snel over zijn lichaam en denkt: "Ik ben schoon." Maar hij gebruikt geen washandje, geen borstel. Het enige wat hij doet is zichzelf een geur geven. De dode huidcellen, het vuil, dat blijft zitten.
Zo is het met veel kerken vandaag. Ze geven mensen een prettig gevoel, een aangename geur, maar ze verwijderen de zonde niet. Ze spelen in het water, spatten wat rond, maar er gebeurt geen echte verandering.
De Bijbel is duidelijk: "Breng dan vrucht voort die past bij de bekering" (Mattheüs 3:8). Echte vernieuwing betekent verandering, het afleggen van de oude mens. "Als iemand dus in Christus is, is hij een nieuwe schepping. Het oude is voorbijgegaan, zie, het nieuwe is gekomen" (2 Korinthiërs 5:17).
Het excuus: "Zolang ik in mijn hart geloof, maakt mijn levensstijl niet uit"
Dit is misschien wel een van de gevaarlijkste leugens die Satan heeft verspreid in de kerk. Mensen zeggen: "Ik geloof in Jezus Christus, dus ik ben gered, wat ik verder doe maakt niet uit."
Maar Jakobus schrijft: "U ziet dan dat de mens uit werken gerechtvaardigd wordt en niet uit geloof alleen" (Jakobus 2:24). En Johannes is nog duidelijker: "Wie zegt: Ik ken Hem, en Zijn geboden niet bewaart, is een leugenaar en de waarheid is in hem niet" (1 Johannes 2:4).
In onze Nederlandse samenleving, waar individuele vrijheid en persoonlijke interpretatie hoog in het vaandel staan, is dit een cruciale waarheid. Geloof zonder verandering is dood geloof. Als je beweerd Jezus Christus te volgen maar je leeft alsof Hij niet bestaat, dan is er iets fundamenteel mis. Paulus vraagt: "Of weet u niet dat de onrechtvaardigen het Koninkrijk van God niet zullen beƫrven? Dwaal niet: noch hoereerders, noch afgodendienaars, noch overspelers, noch schandknapen, noch die bij mannen liggen, noch dieven, noch gierigaards, noch dronkaards, noch lasteraars, noch rovers zullen het Koninkrijk van God beƫrven" (1 Korinthiƫrs 6:9-10). Dit is geen opsomming om mensen te veroordelen, maar een wake-up call: echt geloof verandert je leven.
Satans imitatie van de kerk
De meester-imitator
Satan is briljant in het nabootsen van het echte. God heeft apostelen? Satan heeft er ook. God heeft profeten? Satan eveneens. Predikers van God prediken in Jezus' naam? Satans predikers doen precies hetzelfde.
Jezus Christus waarschuwde hiervoor: "Want er zullen valse christussen en valse profeten opstaan en zij zullen grote tekenen en wonderen doen, zodat zij, als dat mogelijk zou zijn, ook de uitverkorenen zouden verleiden" (Mattheüs 24:24).
Paulus voegt toe: "Want zulke mensen zijn valse apostelen, bedrieglijke arbeiders die zich voordoen als apostelen van Christus. En dat is niet verwonderlijk, want de satan zelf doet zich voor als een engel van het licht" (2 Korinthiƫrs 11:13-14).
Het excuus: "Als een kerk groot en succesvol is, moet God erin zijn"
In Nederland en overal ter wereld zien we megakerken groeien, TV-evangelisten die miljoenen verdienen, prachtige gebouwen en duizenden volgers. Mensen denken: "Dit moet wel van God zijn, kijk hoe het groeit!"
Maar Jezus Christus zei: "Ga binnen door de nauwe poort, want wijd is de poort en breed is de weg die naar het verderf leidt, en velen zijn er die daardoor binnengaan. Want de poort is nauw en de weg is smal die leidt naar het leven, en weinigen zijn er die hem vinden" (Mattheüs 7:13-14).
Grootte en succes zijn geen tekenen van Gods zegen. Satan kan ook kerken laten groeien, gevuld met verwaterde zoetsappige boodschappen, valse genezingen en materialistisch (welvaarts-) evangelie.
We moeten ons afvragen: waarom groeit een kerk? Komt het omdat het evangelie gepredikt wordt in al zijn scherpte, of omdat mensen worden vermaakt? Worden mensen geroepen tot bekering en heiligheid, of worden ze in slaap gesust met positieve boodschappen (fopspeen evangelie)? Amos waarschuwde al: "Wee hun die het zorgeloos hebben in Sion" (Amos 6:1). Een kerk die nooit spreekt over zonde, bekering, hel en gerechtigheid is geen kerk van Christus, maar een sociaal centrum met een Christelijk etiket.
Materialisme: De moderne afgod
Wanneer bezit God wordt
Er is niets mis met een huis hebben, een auto bezitten, een comfortabel leven leiden. Maar wanneer materialisme God verdringt, wordt het afgoderij. Paulus schrijft: "Want geldgierigheid is een wortel van alle kwaad; sommigen, hiernaar strevende, zijn van het geloof afgedwaald en hebben zichzelf met vele smarten doorstoken" (1 Timoteüs 6:10).
In onze Nederlandse maatschappij wordt succes gemeten in termen van inkomen, bezittingen en sociale status. Zelfs in kerken wordt de zegen van God vaak geassocieerd met financiƫle voorspoed. Maar Jezus Christus zei: "Pas op en wees op uw hoede voor alle hebzucht, want het leven van iemand bestaat niet uit de overvloed van zijn bezittingen" (Lukas 12:15).
Het excuus: "God wil dat ik rijk ben, dat is mijn erfenis"
Het welvaartsevangelie heeft diepe wortels geschoten, ook in Nederlandse kerken. Predikers beloven: "Geef aan God en Hij zal je vermenigvuldigen! Geloof voor je nieuwe auto, je nieuwe huis!"
Maar Jezus Christus zei tegen de rijke jongeman: "Ga heen, verkoop alles wat u hebt en geef het aan de armen, en u zult een schat hebben in de hemel; en kom, volg Mij" (Marcus 10:21). En Paulus leefde volgens dit principe: "Wij zijn... straatarm, maar maken velen rijk, niets hebbend, maar alles bezittend" (2 Korinthiƫrs 6:10).
De waarheid is dat God sommige mensen financiële middelen geeft als rentmeesters, niet als eigenaren. De vraag is nooit: "Hoeveel heb je?" maar "Wat doe je met wat je hebt?" Abraham was rijk, maar gebruikte zijn rijkdom voor Gods doeleinden. Job was rijk, maar bleef nederig. Salomo was rijk, maar zijn rijkdom leidde hem af van God. Rijkdom is geen teken van geestelijke gezondheid, en armoede is geen teken van Gods afkeuring. Wat telt is: wie heerst over je hart? "Waar uw schat is, daar zal ook uw hart zijn" (Mattheüs 6:21).
De noodzaak van kennis over Satan
Waarom we onze vijand moeten kennen
Sommigen vragen: "Waarom praat je zoveel over de duivel? Moeten we ons niet alleen op God focussen?" Maar dit is naïef. Om God volledig te kennen, moeten we ook Zijn vijand begrijpen. In de boom van kennis van goed en kwaad zit kennis in beide: het goede én het kwade.
Paulus schrijft: "Want zijn plannen zijn ons niet onbekend" (2 Korinthiƫrs 2:11). Als we Satans tactieken niet kennen, zijn we gemakkelijke prooien.
De Bijbel beschrijft Satan op vele manieren:
Als een slang: listig en bedrieglijk (Genesis 3:1)
Als een brullende leeuw: agressief en hongerig (1 Petrus 5:8)
Als een engel van het licht: schijnbaar goed (2 Korinthiƫrs 11:14)
Als een rode draak: machtig en vreselijk (Openbaring 12:3)
Deze beschrijvingen zijn niet voor niets gegeven. Ze tonen verschillende aspecten van zijn karakter en strategieƫn.
In een tijd waarin geestelijke oorlogsvoering vaak wordt gereduceerd tot een clichƩ of wordt afgedaan als overdreven, moeten we de realiteit erkennen: we bevinden ons in een strijd. Maar het is geen strijd met fysieke wapens. "Want hoewel wij in het vlees wandelen, voeren wij onze strijd niet op een vleselijke manier. Want de wapenen van onze strijd zijn niet vleselijk, maar krachtig door God tot de sloop van vestingen" (2 Korinthiƫrs 10:3-4). Onze wapens zijn: Gods Woord, gebed, standvastigheid in geloof, en een onberispelijk (heilig) leven. We hoeven Satan niet te vrezen, maar we moeten hem wel serieus nemen.
Het gevaar van een voorwaartse generatie
Brutaal en goddeloos
Deuteronomium 32:20 beschrijft het volk als "een zeer voorwaarts geslacht." Dit betekent: brutaal, onbeschaamd, rebels. Ze schamen zich niet voor hun zonde. Integendeel, ze zijn er trots op.
Kijk naar onze Nederlandse samenleving vandaag. Wat vroeger in het verborgene gebeurde, wordt nu op televisie uitgezonden. Wat vroeger beschamend was, wordt nu gevierd. Ontucht, trots, rebellie, het wordt allemaal in het openbaar tentoongesteld.
Jesaja profeteerde hierover: "Want zij roemen hun zonde als Sodom, zij verbergen die niet. Wee hun ziel! Want zij doen zichzelf kwaad aan" (Jesaja 3:9).
Het excuus: "We moeten liefde tonen, niet oordelen"
In onze postmoderne cultuur is "oordelen" het grootste taboe geworden. Mensen zeggen: "Alleen God mag oordelen, wij moeten iedereen accepteren zoals ze zijn."
Maar Jezus Christus zei: "Oordeel niet naar de schijn, maar velt een rechtvaardig oordeel" (Johannes 7:24). Hij zei niet: "Oordeel nooit," maar "Oordeel rechtvaardig." Er is een verschil tussen veroordelend oordelen vanuit hoogmoed en onderscheidend oordelen vanuit liefde voor de waarheid.
Paulus is duidelijk: "Want wat heb ik ermee te maken hen die buiten de gemeente zijn, te oordelen? Oordeelt u niet hen die binnen de gemeente zijn? Maar hen die buiten zijn, oordeelt God. Doet dan die slechte uit uw midden weg" (1 Korinthiƫrs 5:12-13).
Het verschil tussen liefde en tolerantie moet helder zijn. Liefde vertelt de waarheid, ook als die waarheid pijn doet. Tolerantie laat mensen in hun zonde wegzinken. Als je iemand ziet verdrinken, is het geen liefde om te zeggen: "Ik accepteer je keuze om te verdrinken." Echte liefde gooit een reddingslijn, ook al wil de persoon die misschien niet. Spreuken zegt: "Getrouw zijn de slagen van een vriend, maar de kussen van een hater zijn overvloedig" (Spreuken 27:6). Soms moet liefde confronteren, corrigeren en waarschuwen.
Kinderen zonder geloof
Een generatie zonder vertrouwen in God
Deuteronomium 32:20 spreekt over "kinderen in wie geen getrouwheid is." Dit zijn mensen zonder echt geloof, zonder vertrouwen in God. Ze zeggen misschien dat ze in God geloven, het staat zelfs op Nederlandse gebouwen en monumenten uit vervlogen tijden, maar hun leven verraadt het tegendeel.
Jezus Christus confronteerde dit soort hypocrisie: "Dit volk nadert tot Mij met hun mond en eert Mij met hun lippen, maar hun hart is ver van Mij vandaan" (Mattheüs 15:8).
Het excuus: "Ik geloof op mijn eigen manier"
In onze geĆÆndividualiseerde maatschappij hoor je vaak: "Ik heb mijn eigen relatie met God, ik doe het op mijn manier." Dit klinkt spiritueel en nederig, maar het is rebellie in vermomming.
Jezus Christus zei: "Ik ben de weg en de waarheid en het leven. Niemand komt tot de Vader dan door Mij" (Johannes 14:6). Er is geen "eigen manier." Er is Gods weg of de verkeerde weg.
Het idee dat elke spirituele weg naar dezelfde God leidt, is een leugen die rechtstreeks uit de hel komt. Als alle wegen naar God leiden, waarom stierf Jezus Christus dan? Was het kruis dan niet onnodig? Petrus verklaarde: "En er is in niemand anders zaligheid, want er is onder de hemel geen andere naam onder de mensen gegeven, waardoor wij moeten worden gered" (Handelingen 4:12). Dit is niet intolerant of bekrompen, dit is waarheid. En waarheid is per definitie exclusief. Twee tegenstrijdige beweringen kunnen niet beide waar zijn.
De werkelijkheid van Gods toorn
Vuur ontstoken in Zijn toorn
Deuteronomium 32:22 is kristalhelder: "Want er is een vuur ontstoken in Mijn toorn, het brandt tot in het diepste van het rijk van de dood."
Dit vuur is niet symbolisch. Dit is de realiteit van de hel: God's toorn, brandend, eeuwig, onuitblusbaar. Jezus Christus sprak meer over de hel dan over de hemel. Hij noemde het een plaats "waar hun worm niet sterft en het vuur niet gedoofd wordt" (Marcus 9:48).
Het excuus: "God is te liefdevol om mensen in de hel te stoppen"
Dit argument klinkt compassievol maar is gebaseerd op een verkeerd begrip van wie God is. God is inderdaad liefde (1 Johannes 4:8), maar Hij is ook "een verterend vuur" (Hebreeƫn 12:29). Zijn liefde en Zijn heiligheid zijn beide essentieel voor Zijn karakter.
C.S. Lewis zei het zo: "De deuren van de hel zijn van binnenuit op slot." Mensen kiezen voor de hel door God consistent af te wijzen. God dwingt niemand om Hem lief te hebben.
We moeten begrijpen dat de hel niet Gods eerste keuze is, maar Zijn ultieme respect voor menselijke vrijheid. God smeekt mensen: "Keer terug, keer terug toch van uw slechte wegen! Want waarom zou u sterven?" (Ezechiƫl 33:11). Maar Hij dwingt niet. De hel is het definitieve antwoord op degenen die zeggen: "Niet Uw wil, maar de mijne." God zegt uiteindelijk: "Uw wil geschiede." En dat is het meest tragische aspect van de hel, het is een zelf gekozen verblijfplaats voor degenen die God hebben afgewezen.
Wijsheid rechtstreeks van God
Niet vooraf plannen maar leiden door de Geest
Er is een belangrijk verschil tussen voorbereiding en vertrouwen op God. Timoteüs kreeg de instructie: "Beken u met het bestuderen van de Schriften" (2 Timoteüs 2:15). Maar apostelen kregen een andere opdracht: "Maak u van tevoren geen zorgen wat u zult antwoorden. Want Ik zal u mond en wijsheid geven" (Lukas 21:14-15).
Wat is het verschil? Timoteüs werd opgeleid om anderen te onderwijzen. Apostelen werden rechtstreeks door God geleid in hun verkondiging. Beide zijn geldig, maar ze hebben verschillende functies.
In De Waarheid Gods geloven wij in gedegen Bijbelstudie Ʃn in de leiding van de Heilige Geest. Zij werken samen, niet tegen elkaar. Kennis van de Schrift zonder de Geest leidt tot droge doctrine. De Geest zonder kennis van de Schrift leidt tot subjectivisme en dwaling. Paulus schrijft: "Laat het woord van Christus rijkelijk in u wonen in alle wijsheid" (Kolossenzen 3:16), Ʃn "Wees vervuld met de Geest" (Efeziƫrs 5:18). We hebben beide nodig.
Het gevaar van gemanipuleerde prediking
Veel moderne predikers plannen hun boodschappen rond wat mensen willen horen, niet wat ze nodig hebben. Ze gebruiken psychologische technieken, emotionele manipulatie en entertainment om menigten te trekken.
Maar Paulus waarschuwde: "Want er zal een tijd komen dat zij de gezonde leer niet zullen verdragen, maar naar hun eigen begeerten zullen zij voor zichzelf leraars verzamelen, omdat het hun in de oren kriebelt" (2 Timoteüs 4:3).
Wat mensen nodig hebben is waarheid, niet vermaak. Bekering, niet comfort. Heiligheid, niet entertainment.
Oproep tot heiligheid
Red jezelf
Petrus riep uit op de Pinksterdag: "Laat u redden uit dit verkeerde geslacht!" (Handelingen 2:40). Let op: "laat u redden", het is actief, geen passief proces.
Dit betekent niet dat we onszelf redden door werken, maar dat we actief moeten reageren op Gods genade. We moeten ons bekeren, gedoopt worden, en ons afscheiden van de wereld.
Paulus schrijft: "Daarom: Ga uit hun midden weg en scheid u af, zegt de Heere, en raak niet aan wat onrein is. En Ik zal u aannemen" (2 Korinthiƫrs 6:17).
Het excuus: "Ik kan niet perfect zijn, dus waarom zou ik het proberen?"
Dit is een veelgehoord argument: "Niemand is perfect, we zijn allemaal zondaars, dus het maakt niet uit als ik zondig." Maar dit is een perversie van genade.
Ja, we zondigen allemaal (Romeinen 3:23). Maar Paulus vraagt: "Zullen wij in de zonde blijven, opdat de genade te meer worde? Volstrekt niet! Wij die voor de zonde gestorven zijn, hoe zouden wij nog daarin leven?" (Romeinen 6:1-2).
Het doel is niet perfectie, maar progressie. Niet onberispelijkheid, maar groei in heiligheid. Johannes schrijft: "Mijn kinderkens, ik schrijf u deze dingen opdat u niet zondigt. En als iemand gezondigd heeft, wij hebben een Voorspraak bij de Vader, Jezus Christus, de Rechtvaardige" (1 Johannes 2:1).
Heiligheid is geen optionele extra voor super-christenen. Het is de roeping van elke gelovige. "Maar zoals Hij Die u geroepen heeft, heilig is, word ook u heilig in al uw wandel" (1 Petrus 1:15). Dit betekent niet dat we claimen perfect te zijn, maar dat we ernstig zijn in onze strijd tegen zonde. Er is een verschil tussen een gelovige die struikelt en opstaat, en iemand die bewust in zonde blijft leven. De eerste toont berouw en groei, de tweede toont geen echte bekering.
Wereldwijde impact van zuiver Evangelie
Waarheid trekt altijd
Wanneer de waarheid wordt gepredikt zonder compromis, zonder watering, zonder toegeven aan culturele trends, dan trekt het mensen aan. Niet noodzakelijk grote menigten, maar hongerige harten die de waarheid zoeken.
De apostelen hadden geen luxe gebouwen, geen indrukwekkende technologie of beroemdheden die hen aanprezen. Wat hadden ze wel? De kracht van Gods Woord. "Want ik schaam mij niet voor het Evangelie van Christus, want het is een kracht van God tot behoud voor iedereen die gelooft" (Romeinen 1:16).
In onze tijd, waarin kerken zich druk maken over marketing strategieƫn en imago, moeten we terug naar de essentie. Mensen worden niet echt getransformeerd door slimme presentaties of emotionele muziek. Ze worden getransformeerd door de kracht van Gods Woord, toegepast door de Heilige Geest. Als we Gods waarheid zuiver prediken, zal Hij de rest doen. Jezus Christus beloofde: "En Ik, als Ik van de aarde verhoogd zal zijn, zal allen tot Mij trekken" (Johannes 12:32). Niet onze methoden trekken mensen, maar Christus, verhoogd en gepredikt in waarheid.
In God vertrouwen we? Het religieuze vernis van een goddeloze natie
De hypocrisie van nationale religiositeit
In veel westerse landen, waaronder Nederland in het verleden, zijn religieuze verwijzingen verweven in de cultuur. Gebouwen dragen Bijbelse teksten, juridische tradities hebben christelijke wortels, nationale feestdagen zijn gebaseerd op christelijke gebeurtenissen. Maar betekent dit dat de natie God werkelijk dient?
Absoluut niet. Jesaja confronteerde hetzelfde soort hypocrisie: "En de Heere heeft gezegd: Omdat dit volk Mij nadert met zijn mond en Mij eert met zijn lippen, maar zijn hart ver van Mij houdt, en hun vreze voor Mij een aangeleerd mensengebod is" (Jesaja 29:13).
Kijk naar de Nederlandse samenleving vandaag. We hebben historische kerken in elk dorp, maar de meeste zijn leeg of omgebouwd tot restaurants en bibliotheken. We hebben een christelijk cultureel erfgoed, maar wetgeving die lijnrecht ingaat tegen Bijbelse principes. We hebben religieuze vrijheid, maar steeds meer druk om christelijke overtuigingen te verzwijgen. Dit is het religieuze vernis zonder de religieuze kern, precies wat God haat. Het is beter om openlijk tegen God te zijn dan Hem te eren met je mond terwijl je hart ver van Hem is.
De noodzaak van radicale bekering
Geen halfslachtige toewijding
Jezus Christus was duidelijk over de kosten van discipelschap: "Wie van u die niet afstand doet van alles wat hij heeft, kan Mijn discipel niet zijn" (Lukas 14:33). Dit is geen uitnodiging tot een comfortabele religieuze ervaring. Dit is een oproep tot volledige overgave.
De rijke jongeman kwam naar Jezus Christus met een vraag over eeuwig leven. Hij hield alle geboden. Maar Jezus Christus vroeg ƩƩn ding: "Verkoop alles wat u hebt... en kom, volg Mij" (Lukas 18:22). De man ging bedroefd weg, want hij had veel bezittingen.
Wat was het probleem? Niet de rijkdom zelf, maar wat die rijkdom in zijn hart vertegenwoordigde. Het was zijn god geworden. En Jezus Christus duldt geen rivalen.
Het excuus: "God begrijpt mijn situatie, Hij vraagt niet dat ik alles opgeef"
Dit is een gevaarlijke gedachte: dat Gods eisen op de een of andere manier voor ons persoonlijk niet gelden. We rationaliseren: "Mijn situatie is anders. God weet dat ik deze baan nodig heb, ook al vraagt het van me om mijn principes te compromitteren. God weet dat ik deze relatie nodig heb, ook al is hij niet Bijbels."
Maar Jezus Christus zei: "Niemand kan twee heren dienen" (Mattheüs 6:24). Er is geen middenweg. Of Christus is Heer, of Hij is het niet.
We moeten eerlijk zijn over de radicale natuur van het evangelie. Het evangelie roept niet op tot verbetering van je leven, maar tot dood van je oude leven en wedergeboorte. "Ik ben met Christus gekruisigd. Ik leef, maar niet meer ik, maar Christus leeft in mij" (Galaten 2:20). Dit is geen symbolische taal, dit is de realiteit van echte bekering. Je oude ik sterft, je nieuwe ik leeft in Christus. Als dit niet plaatsvindt, heeft er geen echte bekering plaatsgevonden.
De realiteit van geestelijke verslaving
Zelfs vijanden kunnen niet wegblijven
Waarheid heeft een magnetische kracht. Zelfs mensen die tegen de waarheid zijn, kunnen er niet van wegblijven. Ze blijven kijken, luisteren, criticeren, maar ze blijven komen. Waarom? Omdat diep van binnen elke mens weet dat waarheid waarheid is.
Jeremia ervoer dit: "Dan zeg ik: Ik zal niet meer aan Hem denken en niet meer in Zijn Naam spreken. Maar het is in mijn hart als een brandend vuur, opgesloten in mijn beenderen. Ik heb geprobeerd het in te houden, maar ik kan het niet" (Jeremia 20:9).
In een tijd waarin mensen zeggen dat alle waarheid relatief is, blijft Gods Woord absolute waarheid verkondigen. En die absolute waarheid heeft een kracht die relativisme nooit zal hebben. Mensen kunnen het haten, ertegen vechten, het belachelijk maken, maar ze kunnen er niet omheen. Het houdt ze bezig, het confronteert hen, het laat hen niet los. Dit is de kracht van waarheid: het dringt door tot in het geweten, zelfs van degenen die het verwerpen.
Conclusie: De keuze ligt voor ons
De urgentie van nu
We leven in kritieke tijden. De eindtijd nadert. De tekenen zijn overal om ons heen. En toch leven velen alsof er onbeperkt tijd is, alsof God eeuwig geduldig zal blijven, alsof er geen consequenties zijn.
Maar Paulus waarschuwt: "Zie, nu is het de welbehagelijke tijd, zie, nu is het de dag van de behoudenis" (2 Korinthiƫrs 6:2). Niet morgen, niet volgende week, nu!
Amos roept uit: "Bereid u voor om uw God te ontmoeten" (Amos 4:12). De vraag is niet óf je God zult ontmoeten, maar hoe. Als Redder of als Rechter? Als Vader of als Tegenstander?
De hel is geen optie
Voor alle gelovigen in De Waarheid Gods en elke oprechte christen wereldwijd: de hel staat niet op onze agenda. Het is geen optie, geen mogelijkheid, geen bestemming. We hebben een doel: de hemel. En we laten niets en niemand ons daarvan weerhouden.
Paulus schreef: "Ik vergeef hetgeen achter mij ligt en strek mij uit naar hetgeen vóór mij ligt. Ik jaag naar het doel, naar de prijs van de hemelse roeping van God in Christus Jezus" (Filippenzen 3:13-14).
Red jezelf en red anderen
De Bijbel maakt duidelijk dat we verantwoordelijk zijn voor onze eigen redding Ʃn voor het waarschuwen van anderen. Ezechiƫl 3:18 zegt: "Wanneer Ik tot de goddeloze zeg: U zult zeker sterven, en u waarschuwt hem niet... dan zal die goddeloze om zijn ongerechtigheid sterven, maar zijn bloed zal Ik van uw hand eisen."
Dit is geen optionele taak. Dit is onze roeping. We moeten de waarheid verkondigen, of het nu gelegen komt of niet (2 Timoteüs 4:2).
In een cultuur die "leef en laat leven" als hoogste deugd beschouwt, moeten we de moed hebben om te zeggen: "Niet alles is acceptabel. Niet elke weg leidt naar God. Er is waarheid en er is dwaling." Dit zal ons impopulair maken. Dit zal ons intolerant doen lijken. Maar liefde zwijgt niet als iemand richting verderf gaat. Echte liefde waarschuwt, roept, smeekt, bidt, en wijst naar de enige Weg, Waarheid en Leven: Jezus Christus.
Slotwoord
We zijn gewaarschuwd. De macht van Satan is reƫel, maar de macht van God is groter. "Gij bent uit God, kinderkens, en hebt hen overwonnen, want Hij Die in u is, is groter dan hij die in de wereld is" (1 Johannes 4:4).
We hoeven niet te vrezen, maar we moeten wel waakzaam zijn. We moeten de oude mens afleggen zoals de slang zijn huid afwerpt, door ons te schuren tegen de steen, tegen Christus. We moeten ons afscheiden van de wereld en haar verleidingen. We moeten de waarheid verkondigen zonder schroom.
En bovenal moeten we ons klaarmaken. Want de Koning komt. "Zie, Ik kom spoedig. Zalig hij die de woorden van de profetie van dit boek bewaart" (Openbaring 22:7).
Wees op je hoede voor de slang. Ken je vijand. Maar fixeer je niet op hem, fixeer je op Christus, die de slang reeds de kop heeft vermorzeld en binnenkort definitief zal verslaan.
Maranatha, kom, Heere Jezus!

Opmerkingen